Hoge Raad (Niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding, Verrekening aangebrachte woning, Verrekening woning waarop niet is afgelost)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2009 |
| Journal | Jurisprudentie personen- en familierecht |
| Article number | 62 |
| Volume | Issue number | 2009 | 5 |
| Pages (from-to) | 293-294 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Partijen waren gehuwd onder huwelijkse voorwaarden, ondermeer inhoudende scheiding van goederen en een Amsterdams verrekenbeding. Partijen hebben nooit afgerekend.
Ter gelegenheid van de vermogensrechtelijke afwikkeling bij de echtscheiding van partijen rijst de vraag of een appartement, dat de man in het kader van de huwelijksproblemen had aangekocht, in de verrekening moet worden betrokken. Ook rijst de vraag of een woning, die de man vóór de huwelijkssluiting had verkregen, in de verrekening moet worden betrokken. Met betrekking tot het appartement oordeelt de Hoge Raad dat het hof met het oordeel dat het appartement op grond van de redelijkheid en billijkheid niet in de verrekening moet worden betrokken omdat het niet met overgespaard inkomen is afgelost (er is helemaal niet afgelost) en omdat het is aangekocht in het kader van de huwelijksproblemen tussen partijen, buiten de rechtsstrijd is getreden omdat dit door de man niet was aangevoerd. Ten aanzien van de voorhuwelijkse woning had het hof beslist dat deze woning niet in de verrekening naar evenredigheid behoeft te worden betrokken doch slechts een nominaal recht op verrekening voor de vrouw bestaat voor zover er aflossingen uit overgespaard inkomen zijn gepleegd, zoals de man had gesteld (zie voor een weergave van de overwegingen van het hof nr. 2.40 van de conclusie). De Hoge Raad is van oordeel dat het hof hiermee niet heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. |
| Document type | Case note |
| Published at | http://opmaatnieuw.sdu.nl/link/JUR/JPF/2009/62 |
| Permalink to this page | |