Images of ethnicity in later medieval Europe
| Authors | |
|---|---|
| Supervisors | |
| Cosupervisors | |
| Award date | 06-07-2012 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Dronken Engelsen, arrogante Fransen: gangbare stereotypen die, zo blijkt uit onderzoek van Claire Weeda, stammen uit de twaalfde eeuw. Weeda toont aan dat er in de latere Middeleeuwen een explosieve toename was van etnische vooroordelen in West-Europa.
Ze bestudeerde diverse uiteenlopende bronnen - van geleerde traktaten, poëzie, brieven, tot spreekwoorden en gezegden - en ontdekte dat zowel studenten aan de nieuw opkomende universiteiten in de twaalfde eeuw, als vechters in de kruistochten, deelnamen aan scheldpartijen waarin ze elkaar uitmaken voor woeste Duitser of onbetrouwbare Griek. Ook in geleerde teksten en lyrische poëzie beschreef men etnische groepen en hun karaktereigenschappen uitvoerig. De vooroordelen verspreidden zich door de toenemende mobiliteit, economische en culturele ontwikkeling. Hoewel er in de twaalfde eeuw geen natiestaat of nationalisme bestond, waren etnische vooroordelen veel meer dan primitieve uitdrukkingen van haat. Vanaf de twaalfde eeuw ontwikkelde zich een ‘wetenschappelijke’ theorie dat mensen een volksaard hadden die erfelijk kon zijn. Deze, van oorsprong antiek Griekse theorie ging uit van omgevingsfactoren als klimaat. Daarnaast werd de volksaard religieus verklaard en geïnterpreteerd. |
| Document type | PhD thesis |
| Note | Research conducted at: Universiteit van Amsterdam |
| Language | English |
| Downloads | |
| Permalink to this page | |