HR (zaaknr. 12/01003, LJN BY8661)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2013 |
| Journal | Nederlandse Jurisprudentie |
| Article number | 504 |
| Volume | Issue number | 2013 | 46 |
| Pages (from-to) | 5900-5929 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Auteursrecht. Aanvullende bescherming van de maker van een werk op grond van art. 6:162 BW tegen slaafse nabootsing van een stijl of van stijlkenmerken waar geen sprake is van nabootsing van een werk als bedoeld in art. 13 Aw?; bijkomende omstandigheden.
Volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad brengt het gebruik van hetzelfde materiaal, het bewerken daarvan volgens dezelfde, een bepaald artistiek effect opleverende methode, of het volgen van dezelfde stijl, nog niet mee dat sprake is van nabootsing van een werk als bedoeld in art. 13 Aw. De Auteurswet geeft geen exclusief recht aan degene die volgens een — hem kenmerkende — stijl werkt. Aan deze rechtspraak ligt de gedachte ten grondslag dat de auteursrechtelijke bescherming van abstracties als stijlkenmerken een ontoelaatbare beperking van de vrijheid van creatie van de maker zou meebrengen, en aldus een rem op culturele ontwikkelingen zou vormen. Tegen deze achtergrond dient te worden geoordeeld dat het recht geen ruimte laat voor aanvullende bescherming van de maker van een werk op grond van art. 6:162 BW tegen zogenoemde slaafse nabootsing van een stijl of van stijlkenmerken. Het vorenstaande sluit niet uit dat slaafse nabootsing van een stijl of van stijlkenmerken onder bijkomende omstandigheden onrechtmatig kan zijn, maar daartoe is niet toereikend dat die nabootsing nodeloos is en bij het publiek verwarring wekt. |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00C50CE0&cpid=WKNL-LTR-Navigator |
| Permalink to this page | |