Landgericht Düsseldorf (Oprichting van een werknemersloze Europese vennootschap: zaaknr. 1-3Wx248/08)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2010 |
| Journal | TRA |
| Article number | 30 |
| Volume | Issue number | 2 | 3 |
| Pages (from-to) | 26-28 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Feiten
Een in Bonn gevestigde GmbH en een in Birmingham gevestigde Ltd zijn voornemens een Europese vennootschap (Societas Europeae, SE) op te richten, in de vorm van een gezamenlijke dochter. Beide oprichters verklaren geen werknemers in dienst te hebben en ook niet voornemens te zijn werknemers aan te trekken. Het Duitse handelsregister weigert de SE in te schrijven, hetgeen een noodzakelijke voorwaarde voor oprichting is. Het hoofdargument is dat op grond van art. 12 lid 2 SE-Richtlijn inschrijving van een SE zonder dat de rol van de werknemers is geregeld niet mogelijk is. Oordeel Oberlandesgericht Düsseldorf Het Oberlandesgericht Düsseldorf oordeelt dat het ontbreken van betrokkenheid van werknemers bij de oprichting van een SE geen belemmering vormt voor de inschrijving van die SE in het desbetreffende (handels)register, indien de oprichters verklaren geen werknemers in dienst te hebben en ook niet van plan zijn in de toekomst werknemers aan te trekken. Dit is ook het geval wanneer wordt overgegaan tot oprichting van een dochter-SE, die wordt aangehouden als een zogenoemde ‘voorraad-SE’. Om misbruik van een SE, met het oogmerk om betrokkenheid van werknemers te ontgaan, te voorkomen, kan worden gedacht aan een verplichting tot onderhandelen als in een later stadium werknemers bij de SE in dienst komen. |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00A3DF5E |
| Permalink to this page | |