Huwelijk EU-recht en bilaterale verdragen: HvJ EU voorziet niet in een gemengde boedel!

Authors
  • L.J. de Heer
  • W.W. Monteiro
Publication date 2010
Journal NTFR. Nederlands Tijdschrift voor Fiscaal Recht
Article number 1424
Volume | Issue number 2010 | 25
Pages (from-to) 20-25
Number of pages 6
Organisations
  • Faculty of Law (FdR) - Amsterdam Center for Tax Law (ACTL)
Abstract
Op 19 november 2009 heeft het Europese Hof van Justitie (hierna: HvJ of Hof) in zijn uitspraak in de zaak Commissie/Italië geoordeeld dat het italiaanse bronbelastingsysteem op uitgaande dividenden in strijd is met het vrije kapitaalverkeer (voor 1 januari: art. 56, lid 1, EG-verdrag: vanaf 1 januari 2010, met de inwerkingtreding van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VwEU; publicatieblad nr. C 115 van 9 mei 2008, blz. 1-388): art. 63 VwEU), voor zover de dividenden worden uitgekeerd aan vennootschappen in andere EU-lidstaten. Opvallend is echter dat de ongunstigere behandeling van dividenden uitgekeerd aan vennootschappen in EER- of derdelanden, niet in strijd is met het gemeenschapsrecht. In de laatstgenoemde situatie rechtvaardigt de bestrijding van belastingfraude namelijk de discriminerende behandeling ten opzichte van binnenlandse dividenden. Deze rechtvaardigingsgrond slaagt, omdat de uitwisselingsmogelijkheden of -verplichtingen met EER- en derdelanden volgens het Hof minimaal zijn. Deze constatering werpt een interessant licht op art. 26 OESO-Modelverdrag (hierna: Modelverdrag). Wij zullen dan ook de uitspraak van het Hof in Commissie/Italië onderzoeken, mede in het licht van de informatie-uitwisseling tussen lidstaten en EER- en derdelanden via bilaterale instrumenten.
Document type Article
Note N.a.v.: HvJ EU 19 november 2009, zaak C-540/07 (Commissie/Italië), met conclusie A-G Kokott van 16 juli 2009.
Language Dutch
Published at
Permalink to this page
Back