HvJ EG (zaaknr. C-446/04, LJN AZ6797: Test Claimants in the FII Group Litigation)

Authors
Publication date 2007
Journal BNB : Beslissingen in Belastingzaken
Article number 130
Volume | Issue number 2007 | 10
Pages (from-to) 2101-2183
Organisations
  • Faculty of Law (FdR) - Amsterdam Center for International Law (ACIL)
Abstract
De belastingwetgeving van het Verenigd Koninkrijk (VK) hield in de periode 1973 tot 6 april 1999 in dat een in het VK gevestigde vennootschap geen vennootschapsbelasting behoefde te betalen over dividenden van binnenlandse vennootschappen (binnenlandse dividenden), maar wel over dividenden van buitenlandse vennootschappen (buitenlandse dividenden); wel was dan de buitenlandse bronbelasting aftrekbaar of, bij een belang van 10% of meer, de buitenlandse vennootschapsbelasting over de winst waaruit het dividend is betaald.
HvJ EG: Het hanteren van een vrijstellingsregeling voor binnenlandse dividenden en een verrekeningsstelsel voor buitenlandse dividenden is niet in strijd met art. 43 en 56 EG. Het verschil in behandeling tussen buitenlandse en binnenlandse dividenden uit belangen van minder dan 10%, komt evenwel in strijd met de vrijheid van kapitaalverkeer.
Bij dooruitdeling van binnenlandse dividenden bestaat in het VK recht op een belastingkrediet tot het bedrag van de voorheffing (ACT) dat de dividenduitkerende vennootschap heeft voldaan; bij dooruitdeling van buitenlandse dividenden moet de volledige ACT worden betaald. Die regeling komt in strijd met art. 43 en 56 EG.
De door een VK-vennootschap betaalde ACT wordt zoveel mogelijk verrekend met door haar verschuldigde vennootschapsbelasting; een niet verrekend ACT-overschot kan wel worden overgedragen aan een binnenlandse dochtervennootschap, maar niet aan een buitenlandse dochter die in het VK vennootschapsbelasting verschuldigd is. Dat is in strijd met art. 43 EG.
Op 1 juli 1994 heeft het VK de FID-regeling ingevoerd waarbij de regeling inzake een ACT-overschot ietwat is versoepeld, doch ook deze regeling voldoet niet aan het EG-recht.
De standstill-bepaling van art. 57, eerste lid, EG met betrekking tot het kapitaalverkeer met derde landen is ook van toepassing op de FID-regeling (met ingang van 1 juli 1994) nu deze op de voornaamste punten identiek is aan de vóór 31 december 1993 geldende regeling.
Document type Case note
Language Dutch
Permalink to this page
Back