Hof 's-Gravenhage (rolnummer 200.044.911/01, LJN BN3673: ouderschapsplan, ontvankelijkheid)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2010 |
| Journal | Jurisprudentie personen- en familierecht |
| Article number | 124 |
| Volume | Issue number | 2010 | 7 |
| Pages (from-to) | 602-604 |
| Organisations |
|
| Abstract |
De vrouw in deze zaak gaat in hoger beroep van een beschikking van de rechtbank, waarbij zij niet ontvankelijk werd verklaard in haar verzoek tot echtscheiding. De vrouw is van oordeel dat zij ten onrechte niet ontvankelijk werd verklaard en dat het door haar overgelegde ouderschapsplan wel (degelijk) voldeed aan de vereisten van art. 815 lid 2 Rv.
Het hof volgt de vrouw hierin en overweegt daarbij als volgt. Het hof leidt uit de verklaringen van de man ter terechtzitting af dat hij de inhoud van het ouderschapsplan (thans wel) heeft begrepen. Ter terechtzitting is tevens komen vast te staan dat partijen inmiddels uitvoering geven aan het ouderschapsplan met de daarbij behorende verdeling van zorg- en opvoedingstaken. Ter zitting is eveneens vast komen te staan dat ook het jongste kind is ingelicht over en betrokken is bij de invulling van het ouderschapsplan. Partijen hebben bovendien te kennen gegeven dat zij elkaar raadplegen over belangrijke beslissingen over de kinderen. Overige informatie krijgt de vrouw van de minderjarigen zelf. Dit is naar het oordeel van het hof, gezien de leeftijd van de minderjarigen in deze zaak, een toereikende afspraak in de zin van art. 815 lid 2 Rv. Het hof komt op basis hiervan tot de conclusie dat het ouderschapsplan voldoet aan art. 815 lid 2 Rv en verklaart de vrouw alsnog ontvankelijk in haar verzoek tot echtscheiding. Het vernietigt de bestreden beschikking en spreekt (onder meer) alsnog de echtscheiding uit. |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://opmaatpersonenenfamilierecht.sdu.nl/link/JUR/JPF/2010/124 |
| Permalink to this page | |