HR (nr. 13/06204: Werkzaamheid eindigt niet zolang belanghebbende economisch betrokken blijft bij project)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2015 |
| Journal | NTFR. Nederlands Tijdschrift voor Fiscaal Recht |
| Article number | 761 |
| Volume | Issue number | 2015 | 8 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Belanghebbende was onder meer enig aandeelhouder van een bv. Hij was sinds 1983 eigenaar van een door hem verhuurd winkelpand. De bv was eigenaar van een naastgelegen pand. Met betrekking tot deze panden hebben belanghebbende en de bv in 2003 nieuwbouwplannen ontwikkeld (realiseren appartementencomplex en twee winkels). Hierbij is belanghebbende van 2003-2006 actief betrokken geweest. In 2006 heeft belanghebbende zich teruggetrokken en het project verkocht aan een onafhankelijke derde inclusief de helft van het winkelpand. Deze derde heeft het project vervolgens gerealiseerd en voltooid in 2008. In 2008 heeft belanghebbende in het kader van het project de eigendom van een nieuw winkelappartement en een penthouse verkregen die hij per 1 april 2008 is gaan verhuren. De koper behield de overige negen appartementen. Ter zake van het project heeft de inspecteur in 2008 € 285.254 als row belast. Hof Arnhem-Leeuwarden (NTFR 2014/772) oordeelde dat het project voor belanghebbende row vormt, maar dat deze werkzaamheid door belanghebbende in 2006 is gestaakt, zodat niet in 2008 kan worden belast. De Hoge Raad deelt het oordeel van het hof dat sprake is van row, maar niet het oordeel dat de werkzaamheid in 2006 is beëindigd. Volgens de Hoge Raad is dat 2008.De Hoge Raad stelt in dit kader de rechtsregel voorop dat indien een werkzaamheid van een belastingplichtige bestaat in een project ter realisering - met oog op verkoop of verhuur - van een complex van appartementen, heeft te gelden dat deze werkzaamheid voortduurt zolang het beoogde resultaat - de verkoop of de aanwending ter belegging van de binnen het project voortgebrachte onroerende zaken - niet is bereikt. Bij de beëindiging van de werkzaamheid moeten de vermogensbestanddelen die ter belegging worden aangewend tegen de waarde in het economische verkeer worden overgebracht naar het privévermogen van de belastingplichtige. Hier heeft belanghebbende tot in 2008 belang bij voltooiing van het project behouden, aldus de Hoge Raad.
(Volgt vernietiging en verwijzing.) |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://www.ndfr.nl/link/NTFR2015-761 |
| Permalink to this page | |