NJ 2023/194
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2023 |
| Journal | Nederlandse Jurisprudentie |
| Case Number | ['C-319/20'] |
| Article number | 194 |
| Volume | Issue number | 2023 | 21 |
| Pages (from-to) | 3611-3623 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Verzoek om een prejudiciƫle beslissing krachtens artikel 267 VWEU, ingediend door het Bundesgerichtshof (hoogste federale rechter in burgerlijke en strafzaken, Duitsland) bij beslissing van 28 mei 2020.
Bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens. Vertegenwoordiging van de betrokkenen door een vereniging zonder winstoogmerk. Representatieve vordering die door een consumentenbelangenvereniging wordt ingesteld zonder dat daartoe een opdracht is gegeven en ongeacht of er concrete rechten van een betrokkene zijn geschonden. Vordering gebaseerd op het verbod van oneerlijke handelspraktijken, de schending van een consumentenbeschermingswet of het verbod op de toepassing van ongeldige algemene voorwaarden. |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | https://new.navigator.nl/document/ideba648c9378e4c70bdc76b72bd13938f?ctx=WKNL_CSL_92 |
| Downloads |
NJ_2023_194
(Final published version)
|
| Permalink to this page | |