Huwelijk en vermogen: Een (rechts)historische case study naar de verzorging van de langstlevende echtgenoot in de stad Groningen onder doopsgezinden (1699-1809)

Open Access
Authors
Supervisors
Cosupervisors
  • P. Visser
Award date 13-12-2013
Number of pages 671
Organisations
  • Faculty of Law (FdR) - Paul Scholten Centre for Jurisprudence (PSC)
Abstract
Om een beeld te krijgen van de juridische verzorging van de langstlevende echtgenoot in Nederland vóór 1809 hoort kennis van het wettenrecht vergezeld te gaan van kennis rechtstoepassing in de praktijk. Het proefschrift verdedigt dat een dergelijk praktijkonderzoek niet alleen vanuit praktisch-rechtshistorisch, maar tegelijkertijd ook vanuit sociaaleconomisch perspectief verricht dient te worden verricht. Wettelijke regelingen kunnen van ieder praktisch belang verstoken zijn geweest, juridische verzorgingsmaatregelen die niet nadrukkelijk wettelijk waren vastgelegd worden anders gemist en sociaaleconomische factoren, zoals huwelijkspartnerkeuze, speelden een rol bij de vormgeving van de juridische verzorging van de langstlevende in de praktijk.
Vanwege de uitvoerbaarheid van het onderzoek is het ingeperkt tot een case study. Het onderzoek naar het wettenrecht en het praktijkonderzoek is beperkt tot één rechtsgebied (de stad Groningen) en één bevolkingsgroep waartoe zowel arm als zeer rijk behoorde (doopsgezinden). Het onderzoek strekt zich uit over de jaren 1699-1809. Het stad-Groninger huwelijks-, huwelijksvermogens- en erfrecht vormt het kader waaraan de praktische invulling van de verzorgingsafspraken van (aanstaande) echtgenoten is getoetst. Deze invulling is daarnaast geplaatst binnen een sociaaleconomische context door een prosopografisch en demografisch onderzoek.
In de onderzoeksperiode blijkt het stad-Groninger huwelijksvermogensrecht de juridische verzorging van de langstlevende echtgenoot te begunstigen, het erfrecht daarentegen juist niet. Dit stadsrecht werd door de onderzoekspopulatie met vermogen als het recht van minvermogenden beschouwd, waarvan zij bij voorkeur afweken. Op grote schaal kwamen zij in huwelijksvoorwaarden andersluidende afspraken overeen. Voor zover deze afspraken het huwelijksvermogensrecht betroffen, maakten zij afspraken die vergeleken met het stadsrecht, overwegend minder gunstig waren voor de langstlevende echtgenoten. Voor zover deze afspraken het erfrecht betroffen, werden de langstlevende echtgenoten door maatwerk in contracten juist extra bevoordeeld.
Document type PhD thesis
Note Handelseditie: Kluwer (Ars notariatus ; 155). Research conducted at: Universiteit van Amsterdam
Language Dutch
Downloads
Permalink to this page
cover
Back