HR (rolnummer 11/02274, LJN BW9239: gemeenschap van goederen, bestuur over vordering uit onrechtmatige daad)

Authors
Publication date 2012
Journal Jurisprudentie personen- en familierecht
Article number 127
Volume | Issue number 2012 | 7
Pages (from-to) 637-667
Organisations
  • Faculty of Law (FdR)
Abstract
Kort samengevat komt deze zaak op het volgende neer. Jegens de man is een onrechtmatige daad gepleegd door verweerder die zonder daartoe bevoegd te zijn, beleggingsproducten aan de man bracht. De man is daarop ingegaan, waarbij hij gemeenschapsgelden heeft aangewend om de inleg te betalen. Door het handelen van verweerder heeft hij schade geleden. De vraag rijst of alleen hij of ook zijn echtgenote schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad tegen verweerder kan instellen.

De Hoge Raad oordeelt dat alleen jegens de man onrechtmatig is gehandeld omdat hij partij was bij de beleggingsovereenkomst. Daarom is de vordering uit onrechtmatige daad van zijn kant in de gemeenschap gevallen en is hij als enige gerechtigd om de vordering uit onrechtmatige daad in te stellen. Dat voor de inleg gemeenschapsgelden zijn gebruikt, doet daar niet aan af; daardoor is de echtgenote van de man niet medepartij geworden bij de overeenkomst. Jegens haar is daarom niet onrechtmatig gehandeld.

Daarnaast spelen nog andere kwesties een rol maar die zijn huwelijksvermogensrechtelijk niet relevant zodat deze in de samenvatting buiten beschouwing blijven.
Document type Case note
Language Dutch
Published at http://opmaatnieuw.sdu.nl/link/JUR/JPF/2012/127
Permalink to this page
Back