HR (zaaknr. 13/00215: herinvesteringsreservelichaam, moment waarop bedrijfsmiddel kan worden geactiveerd, fraus legis)

Authors
Publication date 2014
Journal BNB : Beslissingen in Belastingzaken
Article number 173
Volume | Issue number 2014 | 16
Organisations
  • Faculty of Law (FdR) - Amsterdam Center for Tax Law (ACTL)
Abstract
Belanghebbende heeft ultimo 2003 een herinvesteringsreserve (HIR) gevormd. Op 20 december 2004, om 16.50 uur hebben belanghebbende en N BV een koopovereenkomst getekend waarbij belanghebbende appartementsrechten heeft gekocht; daarbij is bepaald dat het verkochte tot het tijdstip van levering voor risico van verkoper blijft. Diezelfde dag om 17.04 uur zijn de aandelen in belanghebbende aan N BV verkocht, waarna om 17.07 uur de akte van levering van de appartementsrechten is gepasseerd. Voor het Hof was in geschil of de Inspecteur terecht de HIR aan de winst van het jaar 2004 heeft toegevoegd. Het Hof heeft deze vraag ontkennend beantwoord.
HR: In een geval van koop van een bedrijfsmiddel laat goed koopmansgebruik toe dat de aanschaffingskosten worden geactiveerd vanaf het tijdstip waarop ter zake van de verwerving van dat bedrijfsmiddel verplichtingen zijn aangegaan. Deze regel strookt met het bepaalde in de wet betreffende de aanvang van de willekeurige afschrijving.
Met het oog op het tegengaan van handel in vennootschappen met een HIR is wettelijk bepaald dat indien op enig tijdstip het uiteindelijke belang in de belastingplichtige in belangrijke mate is gewijzigd, een ten tijde van die wijziging reeds gevormde HIR direct voorafgaande aan de wijziging aan de winst wordt toegevoegd. Dit vindt in beginsel slechts toepassing indien de herinvestering plaatsvindt op een later tijdstip dan de belangwijziging. Indien in voorkomend geval het belang in een belastingplichtige met een HIR is gewijzigd, voorafgaande aan die wijziging de aanwending van de HIR vanuit materieel oogpunt heeft plaatsgevonden door de nieuwe houder van dat belang, en er sprake is van een samenstel van rechtshandelingen waarvan de tijdsvolgorde zo is ingericht dat het herinvesteringstijdstip juist voor de wijziging van het belang heeft plaatsgevonden met het doorslaggevende oogmerk om de wettelijke regeling te ontgaan, worden doel en strekking van de wet op onaanvaardbare wijze doorkruist indien vrijval van de HIR zou kunnen worden voorkomen. Deze situatie doet zich in casu voor.
Document type Case note
Language Dutch
Published at http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00C73609&cpid=WKNL-LTR-Navigator
Permalink to this page
Back