Als advocatenkantoor dienst doende onroerende zaak heeft naar zijn aard een woonbestemming: verlaagd tarief van toepassing

Authors
Publication date 17-03-2016
Journal NTFR. Nederlands Tijdschrift voor Fiscaal Recht
Article number 847
Volume | Issue number 2016 | 11
Organisations
  • Faculty of Law (FdR) - Amsterdam Center for Tax Law (ACTL)
Abstract
Belanghebbende heeft op 31 augustus 2012 een onroerende zaak in eigendom verkregen. De onroerende zaak is in 1895 gebouwd als woonhuis en vervolgens als zodanig gebruikt. De onroerende zaak deed de afgelopen decennia dienst als advocatenkantoor in verband waarmee het interieur is aangepast. De onroerende zaak beschikt niet over een keuken en een badkamer. De onroerende zaak heeft zowel een woon- als een kantoorbestemming. In geschil is of ter zake van de verkrijging het tarief van 2% van toepassing is, waarbij het geschil zich toespitst op de vraag of de onroerende zaak ten tijde van de verkrijging als woning kan worden aangemerkt. Anders dan de rechtbank, beantwoordt het hof die vraag bevestigend. Het gaat erom, zoals uit de wetsgeschiedenis blijkt, of de onroerende zaak op het moment van de overdracht naar zijn aard bestemd is voor bewoning door particulieren. Dat is hier volgens het hof aan de orde. Bij de bouw van de woning in 1895 was sprake van een ‘woning’. De latere bouwkundige aanpassingen hebben er niet toe geleid dat de onroerende zaak haar aard als woning heeft verloren. De indeling van de onroerende zaak is ongewijzigd gebleven, er was ten tijde van de verkrijging sprake van een - zij het bescheiden - kookgelegenheid en bad en douche konden worden aangesloten op de bestaande leidingen. De onroerende zaak kon derhalve met zeer beperkte aanpassingen weer worden bewoond. De aard van de onroerende zaak is derhalve woning gebleven. Het tussentijdse gebruik als kantoor, doet daaraan niet af.

(Hoger beroep gegrond.)
Document type Case note
Language Dutch
Published at https://www.ndfr.nl/content/NTFR2016-847
Permalink to this page
Back