HR (nr. 43722: door inwoner Duitsland genoten ABP-pensioen, ook na privatisering ABP heffingsrecht voor Nederland)

Authors
Publication date 2009
Journal BNB : Beslissingen in Belastingzaken
Article number 199
Volume | Issue number 2009 | 17
Pages (from-to) 3149-3167
Organisations
  • Faculty of Law (FdR) - Amsterdam Center for Tax Law (ACTL)
Abstract
Belanghebbende, die de Duitse nationaliteit bezit, is van 1 november 1975 tot 30 november 1998 werkzaam geweest bij een Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersoon. De pensioenen van de werknemers van die rechtspersoon waren geregeld in de ABP-wet, van welke wet de uitvoering was ondergebracht bij het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Met ingang van 1 januari 1996 is het ABP geprivatiseerd en is het vermogen van het ABP onder algemene titel overgegaan op de Stichting Pensioenfonds ABP. De ABP-wet is per die datum ingetrokken.
Belanghebbende woonde in 2002 in Duitsland. Hij ontving in dat jaar een pensioen van de Stichting Pensioenfonds ABP ter zake van zijn voormelde voormalige dienstverband. Het Hof heeft geoordeeld dat het heffingsrecht over het pensioen toekomt aan Nederland.
HR: Aan het vereiste dat de Staat of een publiekrechtelijke rechtspersoon of instelling ’betaalt’ (art. 12, tweede lid, Overeenkomst Nederland - Duitsland 1959) is voldaan voor zover het pensioen is opgebouwd in overheidsdienst. Dit volgt uit het arrest HR, BNB 1995/117*. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om terug te komen van deze uitleg, die, zoals uit het eerderbedoelde arrest ook volgt, mede verband houdt met voorwerp en doel van art. 12, tweede lid, Overeenkomst Nederland - Duitsland 1959.
Document type Case note
Language Dutch
Published at http://www.kluwer.nl/deeplink/resolver.jsp?id=00065C7D7
Permalink to this page
Back