HR (zaaknr. 10/05161, LJN BR4807: onzakelijkeleningarresten; 25-novemberarresten)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2012 |
| Journal | Fiscaal Tijdschrift FED |
| Article number | 19-20 |
| Volume | Issue number | 2012 | 4 |
| Pages (from-to) | 13-21 |
| Organisations |
|
| Abstract |
In geschil is of de inspecteur terecht de aftrek van een door belanghebbende geclaimd liquidatieverlies heeft geweigerd, voor zover het ziet op de afwaardering van de door belanghebbende aan de deelneming in GmbH verstrekte geldlening.
De Hoge Raad overweegt - ervan uitgaande dat de door belanghebbende aan GmbH verstrekte geldlening onzakelijk is in die zin dat de aanvaarding door belanghebbende van het debiteurenrisico berustte op aandeelhoudersmotieven - dat het door belanghebbende bij de liquidatie van GmbH op die geldlening geleden verlies deel uitmaakt van het door belanghebbende voor de deelneming in GmbH opgeofferde bedrag in de zin van art. 13d Wet VPB 1969. In geschil is of de inspecteur terecht de aftrek heeft geweigerd van het bedrag waarvoor belanghebbende haar vordering op haar dochtermaatschappij A BV heeft afgewaardeerd. De Hoge Raad bevestigt zijn jurisprudentie over de fiscale kwalificatie van geldverstrekkingen en geeft voorts een uiteenzetting over het leerstuk van de onzakelijke lening. |
| Document type | Case note |
| Note | Tevens noot bij: HR. (2011, November 25), (zaaknr. 08/05323, LJN BN3442) |
| Language | Dutch |
| Published at | http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00B75853&cpid=WKNL-LTR-Navigator |
| Permalink to this page | |