Zoekresultaten

Blader door alle records: alle velden: "*"

AuteurJ. ten Boden
TitelMotieven achter overnames in Nederland : de invloed van cash betaling en de marktwaarde van de kopende partij
BegeleiderJ. Ligerterink
Jaar2010
FaculteitFaculteit Economie en Bedrijfskunde
SamenvattingIn 1993 hebben Berkovitch en Narayanan onderzocht of het mogelijk is om aan de hand van aandelenkoersen het motief achter een overname te bepalen. Sindsdien zijn er verschillende vergelijkbare studies gedaan die allemaal tot dezelfde conclusies komen. Namelijk: wanneer de totale winst van een deal positief is, is het hoofdmotief “synergy met een bepaalde mate van hubris” en wanneer de totale winst negatief is, blijkt het hoofdmotief “agency” te zijn. Uit het literatuuronderzoek is gebleken dat er 4 factoren zijn die de totale winst kunnen beïnvloeden. Dit zijn “cash betalingen”, “hoge marktwaarde koper”, “lage marktwaarde koper” en “meerdere bieders”. Waar Berkovitch en Narayanan alleen bepalen of het motief te achterhalen is aan de hand van aandelenkoersen gaat dit paper verder, met als aannames de conclusie van Berkovitch en Narayanan. Hier wordt getracht te onderzoeken of er significant meer synergy gemotiveerde overnames bestaan wanneer rekening gehouden wordt met de 4 factoren die de winst kunnen beïnvloeden bij een overname. Er is eerst een basis sample verzameld. Deze sample omvat alle relevante overnames in Nederland waarvoor data beschikbaar is. Hier is met geen van de 3 bovengenoemde factoren rekening is gehouden. Dit is de benchmark sample. Vervolgens is met de methode van Berkovitch en Narayanan berekend hoeveel overnames gemotiveerd zijn door agency. Daarna is elk van de bovengenoemde factoren individueel toegevoegd om 3 subsamples te creëren. (“meerdere bieders” valt af omdat er geen data beschikbaar is) In deze subsamples zijn eveneens de totale winsten van overnames uitgerekend en daarmee de motieven. Als laatste wordt door middel van de Z-toets voor binominale experimenten getoetst of er significant verschil bestaat tussen de proportie positieve verschillen in de basis sample en in elke afzonderlijke subsample. Het resultaat is dat in de basis sample 58.82% van de overnames gemotiveerd is door synergy. Wanneer de koper een hoge marktwaarde heeft, is 50% gemotiveerd door synergy, en wanneer marktwaarde laag is 62.5%. Wanneer alleen naar cash betaling wordt gekeken is 54.5% gemotiveerd door synergy. Vervolgens is door middel van de Z-toets voor binominale experimenten getoetst wordt of de proportie positieve totale winsten significant anders is in de subsamples. De conclusie is dat niet kan worden aangenomen dat deze verschillen bestaan.
Soort document scriptie bachelor
Download bestand