The UvA-LINKER will give you a range of other options to find the full text of a publication (including a direct link to the full-text if it is located on another database on the internet).
De UvA-LINKER biedt mogelijkheden om een publicatie elders te vinden (inclusief een directe link naar de publicatie online als deze beschikbaar is in een database op het internet).

Search results

Query: faculty: "FdR" and publication year: "2009"

AuthorW. de Wit
TitleBNB 2009, 294, (Nr. 07/13304)
JournalBNB : Beslissingen in Belastingzaken. Nederlandse Belastingrechtspraak
Volume57-23
Book/source titleNr. 07/13304
Year2009
ISSN01650130
CourtHoge Raad
FacultyFaculty of Law
AbstractTer zake van een partij vanuit IJsland in de EG ingevoerde partij goederen is tussen leverancier en afnemer overeengekomen: ’delivered duty paid’ (DDP). Dat is ook in de douaneaangifte vermeld. Leverancier en afnemer zijn echter ten onrechte ervan uitgegaan dat bij de invoer van de goederen in de EG geen douanerechten verschuldigd zouden zijn. Daarom is op de factuur en in of bij de aangifte geen bedrag aan douanerechten vermeld. In geschil is of in geval van een boeking achteraf van de verschuldigde douanerechten (art. 220 CDW) ervan moet worden uitgegaan dat voldaan is aan de in art. 33 CDW gestelde voorwaarde waaronder rechten bij invoer geen deel uitmaken van de douanewaarde. HR: Het is in casu onzeker of en voor welke prijs de verkoper de goederen aan de koper zou hebben verkocht indien de partijen, althans de verkoper, zich een juiste voorstelling had(den) gemaakt van de verschuldigdheid van douanerechten. Dit gegeven vormt een argument ten gunste van de zienswijze dat in een geval als het onderhavige achteraf niet, althans niet door slechts te wijzen op de leveringsclausule DDP, kan worden voldaan aan de in art. 33 CDW gestelde voorwaarde dat de douanerechten zijn onderscheiden van de voor de ingevoerde goederen werkelijk betaalde of te betalen prijs. Tegen deze zienswijze pleit echter dat, indien de nagevorderde douanerechten niet op grond van art. 33 CDW in mindering worden gebracht op de douanewaarde, achteraf bezien douanerechten over douanerechten worden berekend. Voorts moet worden meegewogen dat ook in gevallen waarin een verkoper en koper wél uitgaan van het verschuldigd zijn van enig bedrag aan douanerechten bij invoer in de Gemeenschap, het voor partijen moeilijk kan zijn vooraf het juiste bedrag te bepalen van de door de verkoper voor zijn rekening genomen douanerechten. Nu het antwoord op de in geschil zijnde vraag zich niet ondubbelzinnig laat afleiden uit de artikelen 29 tot en met 33 CDW of uit de rechtspraak van het Hof van Justitie, stelt de Hoge Raad hierover een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie.
Document typeAnnotation
Document finderUvA-Linker