The UvA-LINKER will give you a range of other options to find the full text of a publication (including a direct link to the full-text if it is located on another database on the internet).
De UvA-LINKER biedt mogelijkheden om een publicatie elders te vinden (inclusief een directe link naar de publicatie online als deze beschikbaar is in een database op het internet).

Zoekresultaten

Zoekopdracht: faculteit: "FGw" en publicatiejaar: "2009"

AuteurM. van Kempen
Titel'Laisse-moi te montrer mon pays!' Le regard du touriste dans les écrits des Indes néerlandaises Occidentales
TijdschriftÉtudes germaniques
Jaargang64
Jaar2009
Nummer1
Pagina's73-97
ISSN00142115
FaculteitFaculteit der Geesteswetenschappen
Instituut/afd.FGw: Instituut voor Cultuur en Geschiedenis (ICG)
SamenvattingNumerous texts by Surinamese, Dutch-Antillean and Aruban writers deal with the Middle Passage (the forced "migration" from Africa to the New World) and the life-long enslavement of millions of Africans. Strangely enough, in the very same period slavery was flourishing, tourism came into being. The exotic other became an object of western interest. What did the western world bring about in the head of the other ? In many Caribbean texts the tourist’s view is visible : the tension between the own view and the view of the other comes to the surface, sometimes explicitly, sometimes more covertly, at times in the ways language is used. For Caribbean writers, the struggle with literary imagination has eradicated the tourist from their conscience. On the basis of texts from the 18th through the 21st century, this paper tries to unravel the tourist’s view, first in the Histoire d’une franco-indienne ; écrite par elle-même (1787), subsequently in texts by R. Dobru, Albert Helman, Cola Debrot, Trefossa, Sonia Garmers, Denis Henriquez and Chitra Gajadin.
Talloze teksten van Surinaamse, Antilliaanse en Arubaanse schrijvers hebben de Middle Passage (de gedwongen migratie van Afrika naar de Nieuwe Wereld) en de levenslange knechting van miljoenen tijdens de slavernij gethematiseerd. Bizar genoeg komt in dezelfde tijd dat de plantagemaatschappij floreerde, het toerisme op. De exotische ander wordt interessant. Wat heeft de westerling in het hoofd van de ander teweeggebracht ? In veel Caraïbische teksten wordt de toeristenblik zichtbaar : de spanning tussen eigen en andermans blik komt aan de oppervlakte, soms expliciet, soms meer verborgen, soms in het taalgebruik. De worsteling met de literaire verbeelding is voor Caraïbische schrijvers dan ook vooral een zaak geweest van het verdrijven van de toerist uit het bewustzijn. Aan de hand van teksten uit de 18de tot en met de 21ste eeuw wordt geprobeerd die toeristenblik te ontrafelen, eerst de Histoire d’une franco-indienne ; écrite par elle-même (1787) en verder teksten van R. Dobru, Albert Helman, Cola Debrot, Trefossa, Sonia Garmers, Denis Henriquez en Chitra Gajadin.
OpmerkingenNummer: Littérature et culture (post)colonials des Pays-Bas et de Flandre
Soort documentArtikel
Download
Document finderUvA-Linker