The UvA-LINKER will give you a range of other options to find the full text of a publication (including a direct link to the full-text if it is located on another database on the internet).
De UvA-LINKER biedt mogelijkheden om een publicatie elders te vinden (inclusief een directe link naar de publicatie online als deze beschikbaar is in een database op het internet).

Zoekresultaten

Zoekopdracht: faculteit: "FEB" en publicatiejaar: "2006"

AuteursM.L. Biermans, J.P. Poort
TitelKennisverwerving in de maakindustrie: najaarspaper 2005
UitgeverSEO
PlaatsAmsterdam
Jaar2006
Pagina's44
ISBN9067333166
SerietitelSEO-rapport
Serienummer856
FaculteitFaculteit Economie en Bedrijfskunde
Instituut/afd.FEB: Amsterdam School of Economics Research Institute (ASE-RI)
SamenvattingDeze paper tracht antwoord te geven op de vraag hoe het gesteld is met de kennisververving binnen de Nederlandse maakindustrie. Daartoe worden verschillende bronnen met gegevens over innovatie en kennisoverdacht bijeengebracht. Aan de ene kant interpreteert de paper zogenaamde ‘harde’ gegevens zoals de omvang van de uitgaven aan onderzoek en ontwikkeling, en het aantal patentaanvragen en -toewijzingen. Daarnaast worden de resultaten van verschillende enquêtes besproken, die enige duidelijkheid brengen in wat bedrijven op het gebied van innovatie en met name op het gebied van het vergaren van kennis ondernemen en welke percepties er leven over deze onderwerpen.

De hoofdpunten van de paper zijn de volgende:

Op een belangrijke outputindicator van met name industriële innovatie – patenten – scoort Nederland verrassend hoog, zeker per hoofd van de bevolking en afgemeten aan de R&D-investeringen die daar tegenover staan. In geen land blijkt de R&D zo’n geoliede patentaanvraagmachine te zijn. Het aantal toegewezen patenten ligt in Nederland aanzienlijk lager, al ligt ook dit aantal nog altijd redelijk hoog in verhouding tot onze bevolking en onze R&D-investeringen.
De verhouding tussen het aantal aangevraagde en het aantal toegewezen patenten - de successcore van Nederlandse aanvragen - is met iets meer de 30 % opmerkelijk laag. Nederland scoort op deze indicator het laagst van alle beschouwde landen. Hoewel te betogen is dat een patentaanvraag zonder toewijzing toch zinvol kan zijn voor een bedrijf, is voor de lage successcore van de Nederlandse patentaanvragen vooralsnog geen bevredigende verklaring gevonden.
De maakindustrie is de belangrijkste drager van de innovatie in Nederland, afgemeten aan patenten, R&D-uitgaven en kenniswerkers. Bijna driekwart van de R&D-uitgaven in het bedrijfsleven komt voor rekening van industriële ondernemingen.
In de innovatie-enquête die tussen 2000 en 2002 door het CBS is afgenomen, onderkende slechts dertig procent van de industriële innovatoren knelpunten bij de innovatie. Gebrek aan kennis werd echter niet gezien als het grootste obstakel. Na onzekerheid over het rendement, de kosten en een tekort aan personeel kwam dit knelpunt pas op een gedeeld vijfde plaats. Slechts een kwart van de industriële innovatoren zag kennisgebrek als een serieus knelpunt.
Een belangrijke beperking bij het interpreteren van deze enquête is, dat de resultaten alweer enkele jaren oud zijn alsmede het subjectieve karakter van de vragen. Zo is het zeer opmerkelijk dat industriële innovatoren zich volgens de enquête nauwelijks van belemmeringen bewust zijn. Slechts zes procent van deze groep onderkent knelpunten bij de eventuele innovatie. Voor zover de antwoorden van deze kleine groep maatgevend zijn, valt op dat kennisgebrek voor de niet-innovatoren nog minder belemmerend is. Gebrek aan financiering staat bij hen bovenaan.
Soort documentRapport
Document finderUvA-Linker