The UvA-LINKER will give you a range of other options to find the full text of a publication (including a direct link to the full-text if it is located on another database on the internet).
De UvA-LINKER biedt mogelijkheden om een publicatie elders te vinden (inclusief een directe link naar de publicatie online als deze beschikbaar is in een database op het internet).

Zoekresultaten

Zoekopdracht: faculteit: "FEB" en publicatiejaar: "2006"

AuteursK. Sadiraj, C.M.E. Groot
TitelSociaal-economische status in vereveningsmodel zorgverzekeraars: wat zijn de mogelijkheden?
UitgeverSEO
PlaatsAmsterdam
Jaar2006
Pagina's52
SerietitelSEO-rapport
Serienummer886
FaculteitFaculteit Economie en Bedrijfskunde
Instituut/afd.FEB: Research Institute in Economics and Econometrics Amsterdam (RESAM)
SamenvattingHet sociologische principe dat gemeenschappen gestratificeerd zijn, is de basisgedachte achter studies naar sociaal-economische gezondheidsverschillen. Deze stratificatie wordt veroorzaakt door het feit dat individuen kunnen worden gerangschikt op basis van hun kennis, macht, bezittingen en status. Iemands positie in deze rangschikking wordt sociaal-economische status (SES) genoemd. Er zijn drie indicatoren die vaak worden gebruikt om SES te meten: het opleidingsniveau; het inkomensniveau; het beroepsniveau. Elke indicator verklaart een verschillend deel van SES, respectievelijk kennis, bezittingen en status. De indicatoren correleren daarom ook maar gedeeltelijk, de correlatiecoëfficiënten variëren tussen 0,24 en 0,47. Elk van de indicatoren heeft dan ook een onafhankelijke relatie met gezondheid. Het effect van SES op het gebruik van zorg is tweeledig. Enerzijds leidt een hogere SES tot een betere gezondheidstoestand, waardoor minder zorggebruik nodig is. Anderzijds leidt, volgens sommige studies, een hogere SES tot meer vraag naar specialistische zorg, bij een gegeven gezondheidsstatus. Oftewel: mensen met een lage SES gaan vaker naar de huisarts, terwijl mensen met een hoge SES vaker naar de specialist gaan. Per saldo resulteert desalniettemin een lager zorggebruik bij mensen met een hogere SES. Het vereveningsmodel compenseert zorgverzekeraars voor een verschil in samenstelling van de verzekerdenpopulatie. Door de introductie van het nieuwe zorgstelsel wordt de populatie, waarop het vereveningsmodel betrekking heeft, verbreed met een groep die qua SES afwijkt van de oorspronkelijke populatie. Het kan daarom wenselijk zijn om het vereveningsmodel uit te breiden met een indicator voor SES. Dit onderzoek brengt de mogelijkheid hiervan in kaart. Met behulp van literatuurstudie is de relatie tussen SES enerzijds en gezondheid en zorggebruik anderzijds in beeld gebracht. Een aantal aandachtspunten voor opname van een indicator voor SES: SES wordt doorgaans bepaald op huishoudniveau. De vrouw van de arts die thuis voor de kinderen zorgt ontleent status aan het beroep en inkomen van haar man. De causaliteit van de relatie tussen SES en gezondheid is nog niet bekend. Het is daarmee ook nog niet duidelijk of het beste informatie over bv. het inkomen van t–1, t+1 of veranderingen in inkomen moet worden gebruikt. De omvang van sociaal-economische gezondheidsverschillen hangt samen met de leeftijd: verschillen zijn klein voor jongeren en ouderen, maar juist groot voor mensen tussen de 45 en 75 jaar. Een samengestelde indicator (met leeftijd) kan wenselijk zijn. Vervolgens is in kaart gebracht welke gegevensbestanden kunnen worden gebruikt om informatie over SES toe te voegen aan het vereveningsmodel.
Soort documentRapport
Document finderUvA-Linker